Spaanse achtervolgingen
Er zijn een paar dingen, waarvan voor mij vast staat, dat ik ze ooit zal leren. Ooit, wanneer ik tijd heb. En geld heb. En de ruimte heb. Pianospelen bijvoorbeeld, dat lijkt me echt machtig mooi om te kunnen. Al van kinds af. Maar ja, zo'n ding is duur, neemt veel plaats in beslag en kan nogal wat overlast veroorzaken. Jammer maar waar, ik begrijp dus best dat mijn ouders vonden dat ik het maar bij een blokfluit moest houden. Het zal dus nog wel een paar jaartjes duren, maar ooit zal het ervan komen, dat weet ik heel zeker.Gelukkig is pianospelen natuurlijk niet het enige op mijn lijstje van dingen die ik ooit zal doen. Spaans leren staat er ook op. Ooit leek dat misschien wel al waarheid te worden. In mijn middelbare schoolperiode, verspreidde de fusiekoorts zich namelijk razendsnel over Nederland en ook ik moest eraan geloven. Dat vond ik geen goed nieuws, want fusie's brengen over het algemeen heel veel moeilijk gedoe met zich mee, tegen geen voordelen voor de leerlingen. Ik geloof eigenlijk zelfs voor niemand voordelen, behalve voor de paar hele hoge heren, die meer geld kregen.
Tegen de fusie kon ik moeilijk iets doen, maar ik kon op zijn minst proberen er toch iets uit te halen. Dat werd immers beloofd, door de hoge heren. Dat we erop vooruit zouden gaan, dat alles beter zou worden en dat we meer vrijheid en meer mogelijkheden zouden krijgen. Mijn gedachten gingen meteen naar Spaanse les. Dat werd immers gegeven op de school waarmee we fuseerden. Dat zou dan toch wel te regelen kunnen zijn, nietwaar? Nee dus. Dat werd natuurlijk niet zo gezegd. Nee, er werden vage beloften gedaan. Er werd ons verzekerd dat ze eraan werkten, maar dat ze nu nog even geen toezeggingen konden doen... Dat 'nu even' werd natuurlijk langer en langer, totdat het einde van het schooljaar al in zicht kwam. Ik had de bui natuurlijk allang zien hangen en de plannen om Spaans te leren maar weer in de koelkast gezet, voor later, voor ooit, voor als ik tijd en geld heb.
Voor nu bijvoorbeeld. Niet dat ik geld heb, maar ik heb wel een beetje tijd en dat is toch het belangrijkste. Een beetje snuffelwerk en voila; Virginie leert Spaans met behulp van de computer. Dus nu zit ik elke dag een tijdje achter de computer, Spaanse plaatjes met Spaanse woorden te verbinden. Het gaat allemaal heel vrolijk en gemoedelijk. Vloeiens Spaans zal ik er wel niet mee leren, maar ach, meer dan voldoende om mee uit de voeten te kunnen. Alleen sommige woorden die ik leer, zo in de beginfase, die snap ik niet helemaal. Ik verwacht woorden als 'vandaag' en 'morgen', zinnetjes als 'Hoe gaat het?' en 'Hoe laat is het?'. In plaats daarvan leer ik echter het Spaanse woord voor achtervolgen. Klinkt mij niet als een echte conversatiemaker in de oren...
achttien reacties
Vreemde woorden in de lessen is denk ik typisch Spaans.
Een van de allereerste dingen die ik leerde was: “Cuando tuvo su ultimo periodo?”
Hetgeen staat voor wanneer heeft u voor het laatst gemenstrueerd.
Op feestjes kon ik er wel de blits mee maken… ![]()
Wodan: Citroenijsje in het Italiaans gaat zo: ‘Gelati! Citrone! Due bolli!’ en daar moet je dan agressief bij wijzen. Stemverheffing wil ook wel helpen. Verder kan ik in het Italiaans ook vragen waar de plee is en zeggen: ‘Blijf van me af!’ (altijd handig). Dat van die taart weet ik ook niet.
Ik weet trouwens ook zo’n dom zinnetje in het Frans, geleerd in de tweede klas: Ce sont eux qui font la gr?ve (Zij zijn het die staken). Ook zoiets raars waarvan je je afvraagt: waarom moet je dat weten als je 14 bent, maar goed. Talen, rare dingen…
Ik wil (een beetje) Italiaans leren. Bij de HEMA hebben ze tegenwoordig van die online cursussen. Benieuwd of ik dan op vakantie in het Italiaans kan zeggen dat ik achtervolgd word.
Of gewoon een citroenijsje met twee bolletjes.