Een postmodernistisch verslag van de nacht
Ooit schreef ik met drie vrienden van het studentenkoor waar ik deel van uitmaakte een postmodernistisch verslag van de nacht. Het ging over paddestoelen die op de muur groeiden en schuifpuien van de Gamma, zoals wij die tijdens een ochtendwandeling vlak na zonsopgang hadden waargenomen in een vinexlocatie in Berkel-Enschot, ja ja. En despotisch als we toen nog waren, besloten we dat dit postmodernistische verslag van de nacht voor het nageslacht bewaard moest blijven. En dus wendden wij onze positie als goede vrinden van de redactieleden van het verenigingsorgaan aan en voila: het woord was vlees geworden. Bij het verschijnen van het verenigingsorgaan begreep geen enkel koorlid waar dit postmodernistische verslag van de nacht over ging, maar dat was niet erg. Het was immers postmodernistisch, dus enig onbegrip was geoorloofd.En het was verdulleme een goed masker, dat postmodernisme. Het bleek een goede dekmantel om een dronkemansdaad te rechtvaardigen en een aantal prangende vragen van nieuwsgierige koorleden te pareren.
'Nee ja, geen idee. Lees nog maar eens goed. Het zit 'm helemaal in je eigen beleving. Ja ja, postmodernistisch, wat wil je? Uhuh. Ik bedoel, hallo. Post-mo-der-nis-tisch! Nou, dan weet je het wel. Vaag, onsamenhangend en wat dies meer zij.'
En daarbij keken we zo wijs dat de koorleden die niet precies wisten wat postmodernisme inhield niets anders restte dan instemmend te knikken. Want ja, wat wilde je anders als onwetend koorlid? En terwijl de brave koorzielen zich van ons verwijderden om een biertje te gaan drinken, wisten wij het zweet van onze voorhoofden en zeiden tegen elkaar: 'Zo hee, dat doen we dus nooit meer, he? Zo'n kutpostmodernistisch verslag van de nacht!'
Maar weet u wat? Het is nu 1.36 en ik ben een belangrijke studiemijlpaal er doorheen aan het knallen. Met rechts naast mij een fles rode wijn, voor mij een Engels woordenboek en links naast mij een onbegrijpelijk artikel over de positie van de auteur in het literaire veld. And I will conquer this shitty business, potdomme. Ik moet alleen nog een inleiding van pakweg 1000 woorden. Dat moet op zich geen probleem zijn, maar het onbegrijpelijke artikel staart mij met gemene oogjes aan. En ik weet het: dit kan laat worden. Dit abstractieniveau vergt inspanning ende inzicht van een andere orde. En ik? Ik krijg me toch opeens zin in om een postmodernistisch verslag van de nacht te schrijven! Maar ik ga het niet doen, hoor. Want anders komt dat klotestuk nooit af, nondeju.
En die wijn? Dat was echt al helemaal geen goed idee, man man. Dadelijk komt dat postmodernistisch verslag van de nacht in dat studiegeval terecht en dat lijkt me al helemaal niet wenselijk. Het zijn zware tijden, dat u het even weet. Maar ja, slapen kunnen we altijd nog. En postmodernistische verslagen van de nacht schrijven ook. Dus die houdt u nog van mij tegoed, okee?
twaalf reacties
Cyriel: Dat postmodernistisch verslag van de nacht? Ik weet niet of ik het betreffende verenigingsorgaan nog heb, maar anders duik ik wel even het KDC in, daar hebben ze ‘m vast nog wel staan.
Virginie: Ik heb twee uur in mijn bed gelegen. Geslapen heb ik niet veel, maar het ding is godjandosie af. Ik ga nu naar die kloteuni, print het uit en smijt het in de desbetreffende postvakjes en dan ga ik proberen om er tot 29 januari niet te veel aan te denken. Ik weet rationeel dat het geen baggerstuk is (want Rosalie schrijft nooit baggerstukken, never ever nooit niet), maar je kent mij: emotioneel denk ik daar heel anders over. ![]()
Ja, ik weet het. Ik ben trouwens zo ontzettend manisch van die pot koffie die achter mijn kiezen heb dat ik ook maar meteen een alfa-informatiekundeopdracht erachteraan gejast heb. Wat is dat een onzinvak, zeg.
En zo, nu houden we op met dat incrowdgewauwel!
Ik herinner mij het verslag niet meer, wel de toestand van de schrijvers na de nacht :).
Ik heb die nacht heerlijk geslapen in het kippenhok.
Hoezo? Alfa-informatiekunde stel je altijd uit tot het laatst. Dat waren ook mijn laatste studiepunten.
Dank je, Cyriel.
En Ruud, ik vind dat vanuit meerdere invalshoeken gezien echt geen amusante reactie, dat je het even weet.
Stageverslag
Het was1 in het jaar 2015 aan de Costa del Sol2, niet te harden3 zo heet, zo heet.4 Nochtans stonden de tafels5 niet in de ontbijtstand.6 De Eerste Wereldoorlog7 was uitgebroken. Paddestoelen8 groeiden in zijn tas9, ofschoon Mikro10 nog niet was aangekomen. Was de Gammaserre11 al gebouwd? Zoveel gezichten, zoveel blazen12. Goedgekeurd door de Duitsche Vereeniging van Huisvrouwen.13 Op de zevende diagonale14 baksteen15 voelde hij pijn in het brein.16 Nog was de ovale moord17 niet gepleegd. Het was zelfs nog voor Mies Bouwman18 Rambamboelie19 schreef. Maar voor Mulatholi kwam hij terug.20 En daarom stuurt Jan-Peter Balkenende21 Bj?rn naar de schandpaal,22 waar de huisarts uit Toscane23 zijn biggetjes rauw opvrat.24 Hij had reeds een heel bakje vol. Moeders, dochters, vaders, zonen, allen werden zij gevloerd.25 Luiwammes luiwammes26, tevens ook. Je wordt meteen in een stroom geplaatst.27 En het is de bedoeling dat je daar niet meer uitkomt. En: hoe breed wil je geel opvatten?28
Al een beetje uitgeschreven?
Overigens ben ik nu erg benieuwd naar het stuk. Kun je dat niet eens plaatsen?